Doe ik het wel goed? Wat mijn eerste week met Molly mij leerde over opvoeden

Gepubliceerd op 28 september 2026 om 20:46

Een week geleden kwam Molly bij ons wonen. Een Engelse Springer Spaniel van zes maanden oud. En wat is ze leuk. Lief, vrolijk, enthousiast, nieuwsgierig en ontzettend aanhankelijk. Ze brengt veel gezelligheid in huis en ik geniet enorm van haar.

Maar eerlijk is eerlijk: een pup van zes maanden in huis hebben is ook hard werken.

De dagen bestaan uit wandelen, spelen, trainen, grenzen stellen, gedrag proberen te begrijpen en vooral heel veel kijken en afstemmen. En dan zijn er natuurlijk de momenten waarop Molly eigenlijk moe is, maar daar zelf nog niet helemaal van overtuigd lijkt te zijn.

Juist dan heeft ze soms mijn hulp nodig om rust te nemen.

En ergens tussen al die leuke momenten en alles wat bij een pup hoort, merkte ik iets bij mezelf op.

Ik begon te twijfelen.

Doe ik het wel goed?

Geef ik haar genoeg rust?
Vraag ik niet te veel van haar?
Ben ik duidelijk genoeg?

En misschien wel de meest persoonlijke vraag: Vindt ze het eigenlijk wel leuk bij ons?

Het is bijzonder hoe snel je onzeker kunt worden wanneer je verantwoordelijk bent voor een ander.

Je wilt het graag goed doen. Je wilt dat de ander zich veilig voelt, zich prettig voelt en vertrouwen in je krijgt.

En juist omdat je dat zo belangrijk vindt, kun je gaan twijfelen.

Misschien herken je dit als ouder

Natuurlijk is een pup geen kind. Maar de gevoelens die ik deze eerste week bij mezelf merkte, deden me wel denken aan ouders met wie ik in mijn werk spreek.

Ook ouders kunnen zich afvragen:

Had ik anders moeten reageren?
Ben ik te streng geweest?
Geef ik mijn kind genoeg ruimte?
Waarom reageert mijn kind zo?
Wat heeft mijn kind eigenlijk van mij nodig?

Dat soort vragen betekenen op zichzelf niet dat je het verkeerd doet.

Ze laten vooral zien dat je stilstaat bij je eigen handelen en bij wat je kind nodig heeft.

En juist dat laatste is belangrijk.

Niet alleen kijken naar gedrag, maar ook naar signalen

In de ontwikkeling van kinderen speelt de relatie met een responsieve volwassene een belangrijke rol. Het Center on the Developing Child van Harvard beschrijft hoe het heen-en-weer reageren op signalen van een kind — serve and return — bijdraagt aan de ontwikkeling van sociale en emotionele vaardigheden en een belangrijke basis vormt voor verdere ontwikkeling.

Dat betekent niet dat je als ouder voortdurend perfect moet reageren. Het betekent wel dat het waardevol is om te blijven kijken en luisteren.

Wat zie ik?
Wat gebeurt er?
Waar reageert mijn kind op?
En wat zou mijn kind op dit moment nodig kunnen hebben?

Dat is iets anders dan ieder gedrag direct willen corrigeren.

Achter gedrag kan meer zitten

Een kind dat boos wordt, laat gedrag zien. Maar dat gedrag vertelt niet automatisch het hele verhaal.

Misschien is een kind moe.
Misschien is het overprikkeld.
Misschien voelt het zich onzeker.
Misschien is iets te moeilijk.

Of misschien heeft het op dat moment behoefte aan nabijheid of hulp bij het reguleren van emoties.

Daarom vind ik het belangrijk om gedrag niet alleen te bekijken als iets wat moet worden aangepast, maar ook als een mogelijke aanwijzing.

Wat probeert dit gedrag mij te vertellen?

Ook bij Molly merk ik dat ik die vraag steeds vaker stel.

Wanneer ze na een druk moment maar door blijft spelen, happen of aandacht vragen, kan ik dat gedrag simpelweg zien als: ze wil nog spelen.

Maar ik kan ook even stilstaan.

Heeft ze misschien al genoeg prikkels gehad?
Is ze eigenlijk moe?
Heeft ze hulp nodig om tot rust te komen?

Dat betekent niet dat ik daarmee automatisch weet wat er aan de hand is. Ik maak een inschatting en kijk vervolgens wat er gebeurt.

En dat is precies wat opvoeden zo ingewikkeld — maar ook zo mooi — maakt.

Opvoeden is geen stappenplan

Er bestaat geen handleiding waarin precies staat wat je op ieder moment moet doen.

Niet bij een pup. En ook niet bij een kind.

Wat gisteren goed werkte, kan vandaag minder goed werken. Een kind kan de ene dag prima omgaan met een situatie en de volgende dag volledig vastlopen.

Dat betekent niet automatisch dat jij iets verkeerd hebt gedaan.

Kinderen ontwikkelen zich voortdurend. Hun behoeften veranderen en ook hun draagkracht kan van moment tot moment verschillen.

Daarom vraagt opvoeden niet alleen om regels en grenzen, maar ook om blijven kijken, afstemmen en bijstellen.

Niet omdat je het de eerste keer verkeerd hebt gedaan. Maar omdat je kind verandert — en jij samen met je kind leert.

Goed genoeg is niet hetzelfde als perfect

Misschien is dat wel de belangrijkste les die Molly mij deze eerste week geeft.

Ik hoef haar niet vanaf dag één perfect te begrijpen.

Ik hoef niet iedere situatie meteen goed in te schatten.

Ik mag haar leren kennen.

Zij mag mij leren kennen.

We mogen samen ontdekken wat werkt.

En als iets niet werkt, kunnen we opnieuw kijken.

Eigenlijk geldt dat ook voor ouders en kinderen.

Je hoeft niet alles goed te doen om een waardevolle relatie met je kind op te bouwen.

Je kunt een keer verkeerd reageren.

Je kunt ongeduldig zijn.

Je kunt achteraf denken:

Dat had ik anders willen doen.

En dan kun je opnieuw verbinding maken.

Herstellen is óók onderdeel van een relatie.

Responsieve relaties worden niet gevormd door één perfect moment, maar door veel kleine momenten van contact, reageren, afstemmen en opnieuw verbinding maken.

En Molly?

Na één week kennen Molly en ik elkaar natuurlijk nog maar net.

We zijn elkaar nog aan het leren kennen.

Ik leer haar signalen herkennen. Zij leert wat ze van mij kan verwachten. We zoeken samen naar een ritme dat werkt.

En ja, ik twijfel soms nog steeds. Maar ik probeer mezelf eraan te herinneren dat ik niet op ieder moment zekerheid hoef te hebben.

Ik mag kijken.
Ik mag leren.
Ik mag bijstellen.

En misschien is dat wel een belangrijk onderdeel van goed voor een ander zorgen.

Niet dat je altijd weet wat de juiste keuze is, maar dat je blijft kijken naar wat de ander nodig heeft en bereid bent om je aanpak aan te passen.

Ook bij Molly probeer ik dat te doen. Bij het trainen kies ik bewust voor een beloningsgerichte aanpak. Dat sluit aan bij de huidige wetenschappelijke aanbevelingen van de American Veterinary Society of Animal Behavior (AVSAB), die reward-based training adviseert en aversieve trainingsmethoden afraadt.

Misschien is dit wel de betere vraag

Als ouder kun je gemakkelijk blijven hangen in: “Doe ik het wel goed?”

Maar misschien helpt het soms om die vraag te vervangen door:

“Wat zie ik?”
“Wat heeft mijn kind nu nodig?”
“Wat kan ik proberen?”

En daarna opnieuw te kijken wat het effect is.

Dat maakt opvoeden niet ineens makkelijk.Maar het kan wel de druk om het perfect te moeten doen wat kleiner maken.

En misschien ontstaat er daardoor juist meer ruimte voor waar het uiteindelijk om gaat: verbinding.

Wat Molly mij deze week leerde

Ik dacht vooraf vooral dat ík Molly veel zou moeten leren. Maar deze eerste week leert zij mij ook iets. 

Dat een goede relatie tijd nodig heeft.
Dat je elkaar moet leren kennen. 
Dat gedrag niet altijd meteen duidelijk is.
Dat je soms moet vertragen voordat je weet wat nodig is.
En dat onzekerheid niet betekent dat je het verkeerd doet.

Misschien betekent het soms gewoon dat je betrokken bent en wilt blijven leren.

En dat is eigenlijk precies wat ik ook ouders wil meegeven:

Je hoeft geen perfecte ouder te zijn.

Je mag zoeken.
Je mag twijfelen.
Je mag het een keer anders proberen.
En je mag opnieuw beginnen.

Want opvoeden gaat niet over alles meteen goed doen.

Het gaat over blijven kijken, blijven afstemmen en samen groeien.

En ondertussen? Geniet ik vooral van mijn lieve, drukke, enthousiaste Molly. 🐾❤️

Herken je dit bij jouw kind?

Misschien herken je als ouder iets van de twijfel uit dit verhaal. Je ziet dat je kind niet lekker in zijn vel zit, maar je weet niet precies wat er speelt of wat je kunt doen.

Bij Binnen in Beweging kijken we niet alleen naar gedrag. We onderzoeken samen wat er speelt, wat je kind nodig heeft en wat kan helpen om weer ruimte te ervaren om te groeien.

Je hoeft daarbij niet eerst precies te weten wat er aan de hand is. Soms begint het juist met samen stilstaan bij de vraag:

“Wat heeft mijn kind nodig?”

Wil je eens bespreken waar je tegenaan loopt?
Een kennismakingsgesprek is gratis en vrijblijvend.

Bronnen en verder lezen

  • Center on the Developing Child – Harvard University. Serve and Return: Back-and-forth exchanges. Over het belang van responsieve interacties tussen kinderen en volwassenen voor de sociaal-emotionele ontwikkeling. Harvard Center on the Developing Child – Serve and Return
  • Center on the Developing Child – Harvard University. Serve and Return Interaction Shapes Brain Circuitry. Achtergrondinformatie over hoe responsieve interacties bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen. Harvard – Serve and Return Interaction Shapes Brain Circuitry
  • American Veterinary Society of Animal Behavior (AVSAB). Humane Dog Training Position Statement. Wetenschappelijke en veterinaire aanbevelingen voor beloningsgerichte hondentraining en tegen het gebruik van aversieve trainingsmethoden. AVSAB – Position Statements
  • Generation Pup Research / Scientific Reports. Onderzoek naar slaap en gedrag bij jonge honden, waaronder de relatie tussen vroege ontwikkeling, slaap en gedrag. Scientific Reports – Generation Pup onderzoek

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.